Achtergrond | Is een snelle ommekeer voor het tobbende Haas realistisch?

20:00, 05 sep 2023
6 Reacties

Guenther Steiner - de teambaas van Haas F1 - gebruikte in zijn analyse na de Italiaanse Grand Prix nauwelijks woorden, maar in dit geval zei hij daarmee alles: “Er valt niet veel te zeggen, behalve dat de auto gewoon niet snel genoeg is. Je probeert altijd je best te doen, maar de auto presteert niet en dat is waar je terechtkomt als je niet kunt concurreren.”

Haas was in Monza de enige equipe die op een ronde werd gereden door racewinnaar Max Verstappen, en eindigde met Nico Hulkenberg en Kevin Magnussen op de plekken zeventien en achttien. Zij waren de laatst gefinishte coureurs. Ongetwijfeld heeft Steiner intern het nodige gevloekt. Voor de zoveelste keer dit seizoen was zijn team namelijk niet vooruit te branden tijdens een Grand Prix. Ook de teambaas beseft dat de prestaties van Haas steeds schrijnendere vormen beginnen aan te nemen.

Werken de updates?

In Zandvoort introduceerde Haas een broodnodig pakket aan updates, maar door crashes - die schade betekende aan de nieuwe vleugels - was de impact ervan nauwelijks te meten. Tijdens de Dutch Grand Prix maakten de Amerikanen op zondag nooit een serieuze kans op punten en men wist dat het hogesnelheidscircuit in Monza onvergelijkbaar met Zandvoort zou zijn.

Steiner zal echter ook hebben gezien dat Ferrari - de leverancier van de powerunits aan Haas - met de eigen auto’s in Italië wél prima voor de dag kwam, en ze met name dankzij hun topsnelheid Red Bull Racing lang konden bijbenen. Ook Alfa Romeo, een team dat al weken verstoken was gebleven van punten, eindigde in de top 10; eveneens met een Ferrari-powerunit achter in de auto. Met andere woorden: dat Haas in Monza door de ondergrens zakte, lag (ditmaal) niet aan de kwaliteit van de Ferrari-motor.

Steiner zoekt snelheid

Al nagenoeg het gehele seizoen beleeft Haas gruwelijk slechte zondagen. Slechts driemaal werd er een Grand Prix geëindigd in de punten (Magnussen werd tweemaal tiende, Hulkenberg een keer zeven), terwijl het team over één ronde in de kwalificatie geregeld redelijk competitief is. Maar het verval gedurende het weekeinde is enorm. “Wat we moeten vinden, is snelheid. Ik denk dat we vrij gemakkelijk constant kunnen zijn met de auto, maar we hebben snelheid nodig en daar zullen we aan blijven werken”, zei Steiner in de aanloop naar de Italiaanse Grand Prix.

Gaat die doelstelling dit seizoen nog bereikt worden? Realistisch gezien is het antwoord op die vraag ‘nee’. Het voornaamste probleem - en er zijn er legio - is dat de VF-23 banden vreet. Voordat er amper een paar ronden achter de rug zijn, zijn de banden van de Haas-wagens vaak al versleten. Dan is het lastig om aanvallen van concurrenten te pareren, laat staan zelf de jager te zijn. Steiner heeft al verschillende malen aangegeven dat het team naar oplossingen zoekt om de bandenslijtage te verminderen. Alleen - zo gaf de Amerikaan ruiterlijk toe - is onbekend wát exact het probleem veroorzaakt. Dan is het uiteraard lastig een oplossing vinden.

Leiding staat voor lastige keuzes

Haas heeft dit seizoen al de meest uiteenlopende zaken geprobeerd, maar de afstand naar de middenmoot groeit toch met de week. In de VF-23 zit een structureel probleem, dat niet één, twee, drie is verholpen. Haas zou er verstandig aan doen om de focus te verleggen naar een nieuw concept auto voor 2024. Dit seizoen is toch al verloren. Als de blik dan op de toekomst gaat, dienen de belangrijkste mensen binnen het team ook eens goed in de spiegel te kijken. Haas doet al jarenlang mee in de Formule 1, zonder significante progressie te maken. Zouden de huidige beleidsbepalers - inclusief Steiner - écht in staat zijn op relatief korte termijn en met het beperkte budget voor een ommekeer te zorgen? Wellicht is het tijd om eens intern harde besluiten over de te varen koers te nemen, anders is goed te voorstellen dat ’24 opnieuw een lastig jaar vol frustraties wordt.