Max Verstappen heeft weinig goeds te zeggen over de prestaties van de Red Bull-auto tijdens de Grand Prix van Brazilië. In een persbericht na afloop van de race laat de tweevoudig wereldkampioen zich erg kritisch uit over zijn eigen bolide.
De Grand Prix van Brazilië was voor Red Bull bepaald niet een van de betere races van dit seizoen. Een vroege crash tussen Verstappen en Lewis Hamilton veroordeelde de Nederlander tot een inhaalrace en het gesprek achteraf wordt vooral gedomineerd door de frictie tussen Verstappen en Sergio Perez. Daardoor zou men haast vergeten dat de Red Bull het qua snelheid simpelweg niet waar kon maken dit weekend.
Naast Verstappen zag ook Charles Leclerc zich vroeg terugvallen naar het achterveld. Maar de Ferrari-coureur kon zich aanzienlijk makkelijker terug naar voren vechten dan Verstappen en sloot de race uiteindelijk af op de vierde plek, net naast het podium. Perez kon het gevecht vooraan met George Russell niet echt aangaan en werd vervolgens ingehaald door Hamilton, Leclerc en Carlos Sainz. Mogelijk was het met een paar rondes meer nog gelukt om Fernando Alonso in te halen voor de vijfde plaats maar alles wijst er op dat dat ook het hoogst haalbare was voor Red Bull dit weekend.
Datzelfde erkent Verstappen in het persbericht na de race. “We hadden simpelweg niet de pace vandaag, net als zaterdag”, zegt Verstappen, terugwijzend naar de sprintrace die achteraf gezien een voorbode bleek voor wat er tijdens de race op zondag zou gebeuren. “We gleden te veel heen en weer en hadden te veel slijtage, waardoor het moeilijk was om aan te vallen. Ik snapte niet helemaal waarom ik nou vijf seconden straf kreeg voor het incident met Lewis maar het maakte uiteindelijk niet zoveel verschil omdat we toch al te weinig pace hadden.”
Verstappen sluit af door te beloven Perez te helpen in de laatste race van het seizoen mocht dat nodig zijn. Daarmee herhaalt hij de belofte die Christian Horner en Helmut Marko eerder ook al deden.